Geschiedenis

Reserveren? Bel: 0486 42 58 00

't Veerhuis Ravenstein

Gelegen in de meest zuidoostelijke punt van het bovenste hoornwerk, even buiten het centrum van het stadje heeft ‘t Veerhuis een zeer markante plaats in de vesting Ravenstein. 


De ligging aan de Maas was een hoofdvoorwaarde voor het ontstaan van het stadje. De tol die geheven werd van passerende schepen was de aanvankelijke bestaansbron. De oversteekplaats aan het einde van de strang (haven) was voor Ravenstein en het achterland de verbinding met Gelderland. In 1644 is er al sprake van een veer, dit werd tezamen met de strang aan ene Mathias Romer in leen gegeven. Uit historische documenten blijkt dat dit in 1653 schriftelijk is bekrachtigd. Het veer bestond in die tijd uit een zogenaamde gierpont, die door de stroom van de rivier werd voortbewogen. De rivier was de bestaansbron, maar ook een barrière. In de zomer vrijwel onbevaarbaar en ’s winters een brede kolkende watermassa dat de erachter gelegen gebieden bedreigde. Bij gevaar van dijkdoorbraak was ’t Veerhuis de commandopost van waaruit de dijkbewaking werd georganiseerd en gecoördineerd.
In ieder jaargetijde was er wel iets te beleven en was er activiteit bij het veer.


“Den 9 april 1805 is den eersten steen gelegd door den Jongenheer J.T.A. Kleinefeldt” 
Dit is de tekst op de gevelsteen boven de voordeur van ‘t Veerhuis. Meer dan tweehonderd jaar geleden is het gebouwd, in de tijd dat mr. Kleinefeldt de schout van Ravenstein was. Vier jaar na de eerste steenlegging kreeg Ravenstein koninklijk bezoek. Koning Lodewijk-Napoleon, de eerste koning van Holland, overnachtte tijdens zijn rondreis door Holland in Ravenstein. Op 22 april 1809 werd hij gehuisvest bij de schout mr. J.T.A. Kleinefeldt. Door de tekst op de gevelsteen is het verband duidelijk.

In de begintijd bestond de indeling van het pand op dijkniveau uit een brede gang met aan weerszijden heen een zaal. In het achterhuis bevonden zich woonvertrekken en een grote deel. 


Links naast het Veerhuis stond een schuur, waarvan later het voorste gedeelte werd uitgebreid tot een woonvertrek voor de pontknecht. In deze vorm bestond het Veerhuis ruim honderdvijfentwintig jaar. Aanvankelijk bestonden de activiteiten uit café, veerpont en boerderij. In 1932 werd een forse uitbreiding gerealiseerd door middel van  een volledig bovenverdieping met hotelaccommodatie. 

Aan het einde van de tweede wereldoorlog was het Veerhuis een belangrijk bruggehoofd. Een grote keuken was ingericht ten behoeve van de passerende geallieerde troepen. Ook bood ‘t Veerhuis het eerste onderdak op vaderlandse bodem aan Nederlanders die terugkeerden uit het toenmalige Nederlands-Indië, zij zouden geleidelijk de Nederlandse keuken gaan waarderen, naast de uitgebreide rijsttafel die toen vast onderdeel van de spijskaart vormde. In de jaren daarna ontwikkelde ‘t Veerhuis zich steeds meer tot een gastvrij onderdak voor reizigers, die zich hier tegoed konden doen aan de spreekwoordelijke Brabantse gastvrijheid. In de jaren die volgden, werd de restaurantfunctie van steeds groter betekenis. Het Veerhuis mocht zich in toenemende mate verheugen in het bezoek door toeristen te land en te water en in die tijd ontstond het bekende terras aan de Maas. 

Nu kunt u getuigen van de grote inwendige verandering die ’t Veerhuis onlangs heeft ondergaan, waardoor de culinaire beleving tot een maximum kan uitgroeien. Het dynamische karakter van ‘t Veerhuis, als gevolg van de ligging en uitstraling wordt hiermee nogmaals bevestigd.  “Zoals tweehonderd jaar geleden de gast van mr. Kleinefeldt ontvangen werd,zo kunt ook u hier Vorstelijk genieten.”



Land van Ravenstein

’t Land van Ravenstein; eens een soevereine staat, gesticht in 1360 door Walraven van Valkenburg.“Het vergeten stadje met zijn sluimerende vesting heeft zijn oorspronkelijke karakter erg gaaf bewaard en vertoont een vrijwel origineel stratenpatroon met een monumentale bebouwing”




Ravenstein, hoe klein dan ook, heeft een grote rol gespeeld in het verre verleden en is één van de 16 Nederlandse Vestingsteden. Het gebied dat nu als Ravenstein bekend staat, heette in de Middeleeuwen het “Land of Heerlijkheid van Herpen en Cuik”. Het jaar 1360 wordt als de stichting van Ravenstein beschouwd. De leenman Walraven van Valkenburg verplaatste toen zijn kasteel van Herpen naar een nieuwe locatie aan de rivier (het huidige Ravenstein). Hij hoopte zo de tolheffing op de Maas, waarmee hij in 1355 mee was begonnen, beter te kunnen controleren. Walraven van Valkenburg, zoon van Maria van Cuik van Herpen en Jan van Valkenburg, heer van Borne, Sittard en Susteren stief kinderloos in 1378. Rondom het kasteel groeide een nederzetting die reeds in 1380 van Reinout van Valkenburg, de opvolger van Walraven, stadsrechten verwierf. Na de slag bij de Kleverham in 1396 kwam Ravenstein onder Duits gezag.  

Het unieke is, dat het “Land van Ravenstein” een soevereine staat was, die de dorpen Herpen, Schaijk, Reek, Velp, Uden, Boekel en Volkel omvatte. Dit bleef zo, tot de komst van de Fransen in 1795. In 1805 eindigt de "status aparte" van het Land van Ravenstein en na de val van het Franse keizerrijk onder Napoleon in 1813, ging de oude heerlijkheid deel uitmaken van het Koninkrijk der Nederlanden en werd in tien gemeenten opgedeeld. 


Het Kasteel van Ravenstein werd in 1360 gebouwd en in 1818 tot en met de fundamenten gesloopt om bij de Ravensteiners elke gedachte aan zelfstandigheid of soevereiniteit uit te bannen.

In de tweede helft van de vorige eeuw begint Ravenstein aan een nieuwe bloeiperiode, mede door de komst van bedrijven en door de bouw van een spoorbrug in 1872. Na de Maaskanalisatie in de jaren 1930-1940 echter volgen de veranderingen elkaar steeds sneller op. Symbool daarvan is de verkeersbrug bij Ravenstein, waar het geraas van auto's de plaats heeft ingenomen van de dieselmotor van het Maasveer naar het Gelderse Niftrik. Op 13 juni 1975 nam Ravenstein afscheid van veerpont “Jeanne” Inmiddels heeft Ravenstein zijn langste tijd als zelfstandige gemeente gehad en is nu algeheel aangesloten bij de gemeente Oss.  

De twee stadspoorten getuigen nog altijd van de vroegere sterkte van de vesting. De stadsgrachten, opgenomen in een parkachtige ambiance, vormen een fraai decor. Het stadje met haar romantische stadsplein en vele monumentale panden met mooie gevels ademt nog steeds de sfeer van de vroegere samenleving uit. De onlangs gerestaureerde stellingmolen 'De Nijverheid' torent hoog boven de stad uit en wijst u graag de weg naar het stadje met een voelbaar, zichtbaar verleden.  

Aanmelden nieuwsbrief

Meld u aan en win een dinerbon t.w.v. 75 euro!



Geboortedatum (01-12-2000)
Dinerbon schenken? klik hier